Goodmorning Vietnam

Inmiddels zijn we in Vietnam! Maar voordat we daar meer over vertellen, zullen we eerst nog even verslag doen van onze reis vanaf Phnom Penh, de hoofdstad van Cambodja.

Na het ingrijpende bezoek aan de S-21 gevangenis, waar het vorige bericht over ging, zijn we doorgereisd naar de kust van Cambodja, Sihanoukville. Heel erg relaxed om na een lange tijd weer bij strand en zee te zijn, en we hebben dan ook twee dagen volop genoten in de zon! Maar, eigenlijk had Sihanoukville een iets te hoog “Lloret de Mar gehalte”… Voor jonge backpackers is dit kennelijk the place to be, maar dan merken wij dat we niet meer tot de generatie jonge backpackers horen. Een hele middag op een partyboot of tot diep in de nacht zuipen hoeft van ons toch echt niet meer..! We konden toch licht meeprofiteren van de happy hours, halve liters bier voor nog geen 30 cent. Als ze dan het alcoholisme niet stimuleren..!

Vanuit Sihanoukville zijn we doorgereisd naar Vietnam. Deze reis was per bus, en we konden het wel weer een ouderwetse rit noemen, die ons sterk aan Indonesië terug deed denken!
1) de bus was een half uur te laat.
2) er waren te weinig plaatsen in de bus.
3) denk je met dezelfde bus door te reizen, moet je toch halverwege nog weer overstappen in een andere bus.
4) de bus kreeg weer eens een mankement, die dit keer gelukkig gerepareerd kon worden.

Toen we bij de grens kwamen moesten we allemaal de paspoorten inleveren en ging een mannetje alle stempels regelen. Omdat één iemand een stempel mistte in z’n paspoort liepen we ook daarbij nog vertraging op. Al met al zaten we dus weer rete strak in het tijdschema om de boot naar Phu Quoc te halen.
Inge wilde bij de grens onze laatste 5000 riel (nog geen euro) opmaken en kocht daar bij de grens watermeloen voor. ‘Toevallig’ kostte de hele watermeloen 5000 riel, dus dan koop je gewoon een hele watermeloen. Gelukkig hebben we een vriendelijk Engels stel achter ons zitten in de bus :-)

[shashin type=”photo” id=”3841,3844″ size=”medium” columns=”2″ order=”user” position=”center”]

Uiteindelijk zijn we op tijd bij de boot. Eenmaal op de boot zijn we net buiten de haven en klinkt er een harde knal. Als zelfs de locals erg verschrikt opkijken, schrikken wij ook wel een beetje… De boot wordt stil gelegd, heel wat heen en weer geloop en wij horen helemaal niks over wat er aan de hand is. Het klonk alsof we ergens overheen voeren, best griezelig. Gelukkig zijn we nog niet echt op open zee, bedenken we, en is de boot niet helemaal vol, dus zullen er wel genoeg reddingsvesten zijn. Na een kwartier vaart de boot weer verder, er blijkt niks (meer) aan de hand. Na 2 uur leggen we aan op Phu Quoc. We blijven drie dagen op Phu Quoc, een tropisch bounty eiland waarvan we voor het eerst hoorden toen we twee Canadese mannen spraken. Het eiland zou zich snel ontwikkelen qua toerisme, dus wilden we het zien, dan moesten we er vooral nu heen gaan, want over een paar jaar is het misschien wel volgebouwd. Dus zo kwamen we op Phu Quoc, met héle hoge verwachtingen. En misschien zijn we dan inmiddels een beetje verwend, want het was best heel mooi, maar niet zo ‘amazing’ als zij het ons deden geloven. We hebben op 50 meter voor onze bungalow een mooi wit strand, waar we twee dagen heerlijk languit liggen. De zee is blauw en bijna net zo warm als de omgeving (30 graden). Eigenlijk willen we de tweede dag al een scootertje huren om het eiland te verkennen, maar die avond ervoor zakken we zo enorm door dat het die dag geen optie is om scooter te rijden. Ahum. Dat doen we dus de derde dag maar!

[shashin type=”photo” id=”3845,3846,4366,3856″ size=”medium” columns=”2″ order=”user” position=”center”]

Het eiland is zo’n 30 km lang en tussen de 5 en 10 km breed. We rijden in een dag het hele eiland rond, grotendeels over onverharde wegen. Als we bijna helemaal in het noorden zijn, zien we de lucht al wat donker worden (na twee dagen met strak blauwe lucht..!) en we besluiten maar even te schuilen bij een restaurantje. Geen verkeerde keuze, want vijf minuten later volgt er een enorme wolkbreuk. Een ENORME wolkbreuk. Een wolkbreuk van maar liefst 2,5 uur..! We zitten ondertussen onder een dakje van wat karton met zeil en zien het natter en natter worden.. Gelukkig blijven wij droog. Zodra het droog wordt springen we op de scooter om terug te gaan naar onze bungalow, want het zal niet lang meer duren voor het donker wordt.

[shashin type=”photo” id=”3858,4367,4368,3859″ size=”medium” columns=”2″ order=”user” position=”center”]

De dag erna reizen we door naar het vaste land van Phu Quoc. Na een bootreis van 2 uur moeten we nog 2,5 uur in de bus om naar Can Tho te reizen, de hoofdstad van de Mekong Delta in zuidelijk Vietnam. We zijn zwaar teleurgesteld als de 2,5 uur zes en een half uur blijkt te zijn. Al met al neemt die reis van in totaal zo’n 270 km (45 km over zee, 225 km over land) dus weer eens een hele dag in beslag.

Can Tho blijkt een leuke stad te zijn. Niet heel groot, maar vooral heel levendig, zoals alles in de Mekong Delta wel lijkt te zijn. De Mekong zagen we twee jaar geleden voor het eerst, in noordelijk Laos. Nu zien we dezelfde rivier bijna 2000 km verderop. Inmiddels nog veel breder geworden en al gesplitst in vele zijrivieren, welke samen de Mekong Delta vormen. Een gebied dat gevormd wordt door al het water, waarvan de hoeveelheid sterk per seizoen verschilt. Het is nu het droge seizoen, waardoor alle rivieren laag staan en de meeste gebieden goed begaanbaar zijn. Het vele water in de Mekong Delta zorgt voor veel leven. Veel vogels en andere dieren, veel groente, fruit en rijst dat verbouwd wordt, veel mensen die er leven. En doordat het water hier zo’n prominente rol heeft, speelt ook een groot deel van het leven zich hier op het water af.

[shashin type=”photo” id=”3862,3868,3873,3879,4373,3882″ size=”medium” columns=”2″ order=”user” position=”center”]

Vandaag huurden we een bootje, waarmee we een flinke tocht door dit delta gebied hebben gemaakt. We zijn daarvoor vanochtend al om half zes vertrokken, het Aziatische leven speelt zich vroeg af. We zijn allereerst over twee ‘floating markets’ gevaren. Dat is geweldig om te zien! Boten vol groente en fruit varen langs en leggen bij elkaar aan, zodat goederen uitgewisseld kunnen worden. We hebben ook een noodle factory bezocht waar ze rijst-noodles maken. Een heel proces, van rijst malen, tot een soort rijstkoeken maken en dit weer in slierten persen. Behalve hulp van een paar machines, bijna allemaal handwerk. En dan te bedenken dat hier dagelijks bijna 87 miljoen mensen noodles (en rijst) eten..! Een prachtige tocht! Behalve bovengenoemde bezienswaardigheden was het vooral prachtig om vanuit de boot te kijken naar al het leven dat zich langs de rivieren afspeelt. Bananenplantages, rijstvelden, papaya-, mango- en jackfruitbomen, vissers. Een mooi schouwspel!

[shashin type=”photo” id=”3883,3888,3910,4382,4383,4385,3917,3919″ size=”medium” columns=”2″ order=”user” position=”center”]

Morgen reizen we door naar Ho Chi Min, wellicht beter bekend als Saigon! Het is niet de hoofdstad van Vietnam, maar wel de stad met de meeste inwoners (6,5 miljoen). Uiteindelijk hopen we op 13 maart in Hanoi uit te komen, die dag loopt ons Vietnamees visum af. Tot die tijd hebben we nog heel wat te zien in Vietnam! Zo’n 2000 Vietnamese kilometers liggen nog voor onze voeten.

Rare lui trouwens, die Vietnamezen. Ze hebben de meest fantastische “proost” die we ooit gehoord hebben: Yoooo!! En dat roepen ze dan ook nog eens het liefst zo hard mogelijk! Wij vermaken ons hier nog wel even.

Tot zover, tot later!

<< Lees het vorige verslag
Lees het volgende verslag >>